Samen excelleren is het zevende meerjarenplan van SURF. Het geeft een beeld van de ontwikkelingen die het hoger onderwijs en onderzoek op het terrein van ICT te wachten staan. En het maakt duidelijk welke thema’s en prioriteiten voor de sector in de komende jaren van belang zijn. Via deze site kunt u een gepersonaliseerd meerjarenplan samenstellen. SURF is de samenwerkingsorganisatie van het hoger onderwijs en onderzoek. Door in te zetten op duurzame ICT-innovaties wil ze het hoger onderwijs en onderzoek versterken en voorbereiden op de toekomst.

Om deze pagina te bekijken heeft u Flash Player nodig.

Download Adobe Flash player







































































book
chapters:
chap: Voorwoord
De voordelen van ICT zijn diep in ons dagelijks leven doorgedrongen. We kunnen niet meer leven zonder e-mail op ons mobieltje en daarnaast versturen en ontvangen we vele sms'jes per dag. Iedereen, van jong tot oud, bankiert digitaal, boekt vliegtickets via een website, bestelt boeken en boodschappen en betaalt deze online. Deze doordenderende digitalisering is niet zonder gevolgen. Het welbekende reisbureau, het bankfiliaal op de hoek en zelfs de postbode zijn langzaam aan het verdwijnen.

Hoewel het een open deur is, kunnen we in dit Meerjarenplan niet anders doen dan constateren dat het einde aan de ICT-revolutie nog lang niet in zicht is. We willen en kunnen niet meer zonder ICT, niet in het dagelijks leven en niet bij onze beroepsmatige activiteiten.

Tot nu toe heeft de ICT-revolutie nog geen disruptieve effecten op het hoger onderwijs en onderzoek gehad. Maar het gevaar is reëel dat we ons hierdoor in slaap laten sussen. Want digitalisering heeft in de maatschappij wel degelijk tot ‘tsunami’s’ geleid. Denk aan een eeuwenoud en vooraanstaand kennisinstituut als Encyclopedia Britannica, dat in een aantal jaren volledig is overvleugeld door Wikipedia. Denk ook aan dictatoriale regimes die via Twitter in de problemen komen. De vraag is gerechtvaardigd hoe ver de scheppende macht van het individu en van sociale groepen in de digitale globale wereld reikt.

Kunnen ook eeuwenoude kennisinstellingen, zoals die in het hoger onderwijs en onderzoek bestaan, hier in de nabije toekomst ‘last’ van krijgen? Wat is eigenlijk de toekomst van onze klassieke ommuurde instituten, waar van 9 tot 5 colleges worden gegeven? Zijn zij wel voorbereid op hun eigen tsunami? In dit Meerjarenplan geven we richtlijnen om ons te sterken en voor te bereiden op de onzekere toekomst.



Utrecht, juni 2010

Namens het bestuur en de directie van Stichting SURF,
Drs. Willem te Beest, Voorzitter
Dr. Wim Liebrand, Algemeen Directeur
id:

chapterNr:

title:

text:

chap: Inleiding
SURF houdt zich met veel meer onderwerpen bezig dan bij de start werd voorzien. Profijtelijk samenwerken strekt zich uit van ondergrondse verbindingen tot processen die direct te maken hebben met onderwijs en onderzoek ín de instellingen, dus ook achter de voordeur. De ontwikkelingen op al deze gebieden zijn talrijk; de scope van dit plan is dan ook breder dan het vorige. Ook, en zeker niet in de laatste plaats, maakt het Meerjarenplan duidelijk waarin de hogeronderwijsinstellingen het beste gezamenlijk – via SURF – kunnen optrekken. Het Meerjarenplan vormt de basis voor de samenwerking met de bij SURF aangesloten instellingen. Op basis van dit document committeren de instellingen zich weer voor vier jaar om in SURF-verband aan de prioriteiten voor 2011-2014 te werken. Eveneens op basis van dit plan zal SURF de hier genoemde doelstellingen ‘SMART’ uitwerken in tactisch-operationele jaarplannen.
id:

chapterNr:

title:

chapter1Intro:

text:

paragraphs:

par: Over SURF
In SURF werken universiteiten, hogescholen en onderzoeksinstellingen samen aan grensverleggende ICT-innovaties. SURF is in de jaren tachtig opgericht door de gezamenlijke Nederlandse universiteiten, de HBO-raad en de onderzoeksinstellingen. Het was hun antwoord op de uitdaging van ICT, een gebied waar Nederland toen een achterstand had. Inmiddels is SURF bijna vijfentwintig jaar actief. Met de snelle ontwikkeling van de ICT is ook haar werkgebied gegroeid. SURF levert nu een breed scala van diensten, waar honderdduizenden studenten en medewerkers intensief gebruik van maken.De missie van SURF luidt: Verhoging van de kwaliteit van het hoger onderwijs en onderzoek door ICT-innovatie. Door samen te werken in SURF realiseren de hogeronderwijsinstellingen vernieuwingen die het belang van een individuele instelling overstijgen.

De impact van SURF reikt tot ver buiten deze instellingen. Dankzij SURF is Nederland hét openbare internetknooppunt van Europa geworden, beschikken alle Nederlanders over een ‘digitale identiteitskaart’ (DigiD), is er een infrastructuur voor open toegang tot publicaties die met belastinggeld tot stand zijn gekomen, en is software voor het hele onderwijs zeldzaam goedkoop verkrijgbaar. Al bijna vijfentwintig jaar leidt de samenwerking in SURF tot diensten en producten die de instellingen ieder voor zich niet kunnen realiseren. Door gezamenlijk op te trekken, lukt het de instellingen bovendien om kosteneffectiever te opereren.
par: De rol van SURF
SURF heeft als belangrijke rol om innovaties voor het hoger onderwijs en onderzoek te signaleren en – waar kansen liggen – deze gezamenlijk op te pakken voor de onderzoeksinstellingen en het hoger onderwijs. Belangrijk aandachtspunt is de implementatie van innovaties. SURF stimuleert best practices op het gebied van het daadwerkelijk toepassen van innovatieve nieuwe diensten en draagt bij aan verspreiding van kennis hierover op brede schaal. Zo werkt SURF samen met Kennisnet om afstemming over de hele onderwijskolom te realiseren.

SURF is een facilitator van innovaties en richt zich op het realiseren van basisvoorzieningen, zoals infrastructuur (SURFnet7, repositories), tools en kennis die voor meerdere instellingen bruikbaar zijn. SURF gaat nadrukkelijk niet op de stoel van de instelling zitten. Het is niet SURF die bepaalt wat er gaat gebeuren; dat doen de instellingen. Als het bijvoorbeeld gaat om ‘open content’ dan ligt de bijdrage van SURF in het realiseren van de infrastructuur voor het bewaren, vinden en ontsluiten; de instellingen zelf zijn aan zet om de content met behulp van deze infrastructuur te publiceren.
par: Leeswijzer
Na een schets van de relevante ontwikkelingen in het veld van ICT, onderwijs en onderzoek (hoofdstuk 2), worden in hoofdstuk 3 zeven strategische issues gepresenteerd voor de periode 2011–2014. Hoofdstuk 4 gaat in op de concrete doelstellingen voor de planperiode en de resultaten die SURF wil bereiken. De benodigde organisatie, werkwijze en financiering van SURF worden in hoofdstuk 5 besproken. Tussen de hoofdstukken door treft u ‘parels’ aan: het resultaat van de inspanningen van SURF in de afgelopen jaren.
chap: Ontwikkelingen
Een document dat zich richt op de toekomst van het hoger onderwijs en onderzoek bevat uiteraard de relevante ontwikkelingen in het veld van ICT, onderwijs en onderzoek. Deze worden in dit hoofdstuk beknopt beschreven.
id:

chapterNr:

title:

text:

paragraphs:

par: Ontwikkelingen in de ICT-infrastructuur

par: Ontwikkelingen in het onderwijs

par: Ontwikkelingen in het onderzoek

chap: Thema's
Op basis van de beschreven relevante ontwikkelingen in het veld van ICT, onderwijs en onderzoek zijn zeven strategische issues bepaald voor de periode 2011-2014.
id:

chapterNr:

title:

text:

paragraphs:

par: Netwerkinfrastructuur
SURF heeft vanaf haar oprichting gewerkt aan een landelijke netwerkinfrastructuur voor het hoger onderzoek en onderwijs. Door deze constant te vernieuwen heeft Nederland op dit gebied een koppositie in de wereld veroverd. De volgende stap in de innovatie van de netwerkinfrastructuur is SURFnet7, het schaalbare hybride netwerk. Het project GigaPort3 moet de lichtpadendienst schaalbaar en aanstuurbaar maken voor gebruikers en toepassingen, maar ook toegankelijk voor een bredere gebruikersgroep.

Een tweede ontwikkeling in GigaPort3 is die waarbij breedbandtechnologie wordt uitgebreid met draadloze connectiviteit. Door de combinatie van de grote capaciteit van glasvezel en de alomtegenwoordigheid van draadloze internettoegang vormt een landelijk dekkend fixed-wireless seamless netwerk een krachtig platform voor de ondersteuning van zowel opkomende als nog niet voorziene applicaties en diensten. Om tot een fixed-wireless seamless netwerkinfrastructuur te komen, zal samenwerking worden gezocht met operators en leveranciers van mobiele netwerkdiensten. De toevoeging van draadloze communicatie aan het glasvezelnetwerk heeft consequenties voor security en privacy. Deze aspecten zullen door SURF moeten worden uitgezocht en geregeld.

SURFnet6 (en straks SURFnet7) biedt de instellingen de mogelijkheid hun dienstverlening te optimaliseren, zowel bedrijfseconomisch als energetisch (‘groene’ ICT). Dynamische lichtpaden kunnen bijvoorbeeld worden gebruikt om elkaars ICT-ruimte te benutten als uitwijkmogelijkheid bij calamiteiten. Het gebruik van centrale computing- en datafaciliteiten leidt tot efficiënter ruimtegebruik en dus tot energiebesparing, waardoor ICT een belangrijke bijdrage levert aan het reduceren van CO2-uitstoot en het duurzaam maken van de samenleving. Dat effect wordt versterkt door deze faciliteiten dicht in de buurt van energie- en koelingfaciliteiten te plaatsen.
par: Security en privacy
Security is een fundamentele en onmisbare component in de hedendaagse ICT-infrastructuur. Momenteel is het beveiligingsbeleid nog sterk gekoppeld aan specifieke ICT-systemen. Wat ontbreekt is een integraal beveiligingsframework voor de huidige e-infrastructuur. Dit is geen puur technische exercitie. Het vergt vooral een andere kijk op organisatorische vraagstukken rondom de toegang en het gebruik van informatie. Het is gebruikelijk daarbij onderscheid te maken in:

  • reactieve beveiliging: bescherming van de ICT-infrastructuur en services door te reageren op elke gebeurtenis die de normale gang van zaken beïnvloedt (incident management policy);
  • proactieve beveiliging: het actief creëren van een omgeving waarin via voorlichting, educatie en training mogelijke bedreigingen van de informatiebeveiliging teniet worden gedaan (threat and vulnerability management);
  • toegangsbeveiliging: authenticatie, autorisatie, accounting.
  • Het te ontwikkelen beveiligingsframework dient deze drie domeinen te adresseren. Onder privacy wordt verstaan de mogelijkheid om te controleren welke informatie iemand digitaal vrijgeeft over zichzelf, en het kunnen controleren wie tot die informatie toegang heeft.
    par: Virtualisatie en alternatieve vormen van sourcing en duurzame ICT
    Door de toegenomen connectiviteit en het toepassen van virtualisatie in de ICT-infrastructuur neemt de beschikbaarheid van applicaties en content toe. Daardoor kunnen meer duurzame voorzieningen worden gecreëerd. Dergelijke diensten worden op steeds grotere schaal via ASP, SaaS of de ‘cloud’ aangeboden, en door de groeiende volwassenheid van het concept wordt het ook voor de instellingen steeds interessanter sommige cloud services af te nemen. Er zal dan ook in zekere mate een verschuiving plaatsvinden van het zelf leveren van diensten naar het orkestreren van externe diensten en dienstverleners, en van het uitwisselen van gegevens. Daarom zijn standaarden nodig voor interoperabiliteit van informatie en applicatieomgevingen. Het kunnen uitwisselen en combineren van gegevens is niet alleen een noodzakelijke voorwaarde voor cloud services, maar ook om studenten en docenten in hun digitale leer- en werkomgeving beter te kunnen bedienen. Ook is er een debat nodig om te bepalen welke ICT-diensten nog door instellingen zelf georganiseerd/afgenomen worden en in welke behoefte de markt voorziet. Daarbij is inzicht in de kosten van alle ICT-services binnen en buiten instellingen noodzakelijk (Total Cost of Ownership, TCO). Bij het berekenen van deze kosten dient ook de mate van duurzaamheid van de gekozen oplossingen te worden meegenomen. ICT kan op twee fronten aan duurzaamheid bijdragen: enerzijds door het eigen energieverbruik te beperken, anderzijds door toepassing van virtualisatie (hetgeen niet alleen leidt tot betere benutting van de capaciteit van computing- en datafaciliteiten, maar ook tot kostenreductie).

    De ontwikkelingen op het gebied van SaaS en cloud services vragen ook om richtlijnen over het omgaan met gevoelige data die steeds vaker bij externe partijen zullen zijn ondergebracht: richtlijnen voor opslag, gebruik, koppeling, bezit, toegankelijkheid en controleerbaarheid. Er is een toetsingskader nodig om externe dienstverleners te kunnen beoordelen op hun privacybeleid en op de mogelijkheid controle op hen uit te oefenen. Een van de opties is om gevoelige data in huis te houden of onder te brengen in een gezamenlijk beheerd platform. Daarnaast zal aandacht moeten worden besteed aan uitleg over belang, voordelen en noodzaak van SaaS en cloud services bij instellingsbestuurders.
    par: Innovatiecyclus diensten en producten
    In nieuwe innovatieprojecten kan gebruik worden gemaakt van living labs. In deze proeftuinen op én via de campus zijn studenten, docenten en onderzoekers medeontwerper en testgebruiker van nieuwe ICT-ontwikkelingen. Dit sluit ook prima aan bij de wens van vooral het hbo om meer regionaal samen te werken. Daarbij zorgt SURF voor instellingsoverstijgende faciliteiten om zulke proeftuinen te stimuleren en te realiseren.

    Ontwikkelingsprogramma’s die zijn uitgevoerd in SURF-verband hebben de afgelopen jaren geleid tot steeds meer diensten en producten. Er is daarvoor momenteel geen duidelijke strategie en er wordt geen model gevolgd voor de innovatielevenscyclus van nieuwe producten en diensten. Hierdoor is het bijvoorbeeld onduidelijk op welk moment welke beslissingen genomen moeten worden en wanneer een dienst operationeel wordt. Een daarmee samenhangend probleem is dat dezelfde groep/afdeling die een dienst heeft ontwikkeld, deze (tot nu toe) ook ‘in de markt zet’. Ontwikkeling en operations lopen daardoor door elkaar. Er is behoefte aan een model voor de innovatielevenscyclus, waarin voor iedere faseovergang is beschreven , wat de inbreng van de instellingen is en wat de vrijheidsgraden van SURF zijn.

    Het is van strategisch belang dat geslaagde innovatieprojecten leiden tot duurzame veranderingen waarbij de innovaties op brede schaal in de bedrijfsprocessen worden benut. Voor een meer planmatige aanpak van innovatie is een levenscyclusmodel van groot belang. Er is vooral meer aandacht nodig voor de tweede helft van de innovatielevenscyclus: na innovatie ook implementatie. SURF is, kortom, niet alleen de kraamkamer van vernieuwing, maar ook de organisatie die instellingen helpt om de vernieuwing te testen, in de dagelijkse praktijk in te passen en op grote schaal de voordelen ervan te ervaren.

    In de praktijk blijken ICT-innovaties niet vanzelfsprekend te worden opgepakt door docenten en wetenschappers. Bij nieuwe projecten moet worden geanticipeerd op toekomstig beheer en exploitatie, en zal rekening moeten worden gehouden met verschillende snelheden van adoptie bij de instellingen. Om te voorkomen dat resultaten op de plank blijven staan, moet er ruim voor de beëindiging van een project zijn nagedacht over de relevantie van bredere inzet van de resultaten en welke stappen dit vereist.

    Grootschalige implementatie en gebruik van diensten en producten vragen om een andere organisatievorm en een ander soort mensen: geen innovators maar implementers. Daarom wordt een werkmaatschappij – SURF Shared Professional Services (SURFsps) – opgericht, die verantwoordelijk wordt voor operations en financieel op eigen benen zal staan. Bij deze werkmaatschappij kunnen ook instellingen applicaties ‘sourcen’. De dienstverlening van SURFsps is aan strikte condities gebonden, zoals een stabiele beheersituatie, financiële transparantie en integraal kostendekkende tarieven.
    par: Beschikbaar stellen en ontsluiten e-content
    Er is een steeds groter aanbod aan e-content waarvan studenten, docenten, onderzoekers en bedrijfsleven kunnen profiteren. Om dat in onderwijs en onderzoek zinvol en betrouwbaar te kunnen doen, is er behoefte aan een nationale geïntegreerde infrastructuur om e-content (waaronder leermiddelen, publicaties en onderzoeksdata) beschikbaar te stellen en te ontsluiten. Het kunnen terugvinden en gebruiken van content in bestaande repositories vraagt om een metadatastructuur. Daarbij is het van belang dat docenten en onderzoekers zich bewust zijn van de vraag hoe het eigenaarschap van data, inclusief de bijbehorende rechten en plichten te regelen.

    Op het gebied van onderzoek heeft SURF zich tot nu toe vooral geconcentreerd op wetenschappelijke publicaties, Open Access en repositories. Publiceren over resultaten is belangrijk, maar dat geldt ook voor het verzamelen, analyseren, delen en hergebruiken van digitale onderzoeksdata. Onderzoek wordt immers steeds meer datagecentreerd en digitale informatie is de norm geworden. Daarbij moet de onderlinge samenhang tussen de datasets, reviews en cititaties zichtbaar zijn. Een goed beheer van datasets maakt verificatie, (her)gebruik en valorisatie mogelijk. Er is behoefte aan coördinatie om de betrouwbaarheid, de toegankelijkheid en de preservering van onderzoeksdata te bevorderen. SURF heeft hiertoe het Onderzoeksdata Forum opgericht, dat de samenhang van initiatieven op het terrein van permanente toegang tot data bewaakt. In Europees verband participeert SURF in de Taskforce ‘Primary Data’ (Knowledge Exchange).

    Nederland heeft een eigen, landelijk onderzoeksinformatiesysteem (Current Research Information System, CRIS). Dit CRIS met de naam Metis biedt informatie over onderzoek en de output daarvan. Dit onderzoeksinformatiesysteem is aan vernieuwing toe – het is al vijftien jaar in gebruik – en een grotere mate van governance (meer inzicht in de resultaten van de aan onderzoek bestede middelen) is gewenst.
    par: E-Science, supercomputing en grid
    Medio 2009 heeft het kabinet het advies van ICTRegie over de toekomst van de Nederlandse ICT-onderzoeksinfrastructuur overgenomen. Deze infrastructuur bestaat uit vijf bouwblokken, die er samen voor moeten zorgen dat de output van Nederlandse wetenschappelijk onderzoekers de internationaal erkende hoge kwaliteit behoudt. De bouwblokken zijn netwerken, data- en computing-resources, grids, e-Science services en system management.

    Aan de totstandkoming van het advies hebben alle betrokken partijen bijgedragen. Voor het eerst hebben zij dezelfde ambities. Het kabinet heeft het advies van ICTRegie in zijn totaliteit overgenomen. Een besluit over de gevraagde structurele financiering is doorgeschoven naar de volgende kabinetsperiode. Voor de verdere ontwikkeling van de infrastructuur (netwerken, supercomputers, dataopslag en software) is door het kabinet een jaarlijkse bijdrage van 62,5 miljoen euro toegezegd. Echter, op dit moment is nog onduidelijk met ingang van welk jaar deze jaarlijkse bijdrage vrijkomt.

    Een van de aanbevelingen in het advies is om alle nu nog versnipperde activiteiten en verantwoordelijkheden onder de paraplu van SURF te brengen. Deze aanzienlijke uitbreiding van het takenpakket van SURF heeft consequenties voor de organisatiestructuur: niet alleen zullen de activiteiten van NCF en de publieke activiteiten van SARA Reken- en Netwerkdiensten bij SURF worden ondergebracht, daarnaast zullen er nauwe lijnen met onder meer NWO en KNAW moeten worden onderhouden.

    Ook de oprichting van een e-Science Research Center vindt SURF gewenst. Dit centrum zal nieuwe vormen van (inter)nationale samenwerking mogelijk maken door kennis- en methodeontwikkeling, computational science processen, workflowtools, en hard- en software waarmee onderzoekers dure apparatuur kunnen delen en gezamenlijk gebruik kunnen maken van grootschalige, gedistribueerde computer- en datafaciliteiten (o.a. grids). Er zal multidisciplinaire ICT-expertise worden ontwikkeld, niet alleen voor de bètawetenschappen maar ook voor de gamma- en alfawetenschappen (computational humanities).
    par: Technology Enhanced Education, kwaliteit- en rendementverhoging in het hoger onderwijs
    Docenten en studenten bepalen in toenemende mate zelf welke ICT-toepassingen ze in hun leer- en werkomgeving gebruiken. ICT-functionaliteit is vanuit allerlei bronnen te krijgen en die verscheidenheid zal linksom of rechtsom worden benut. Daarom moeten docenten en studenten meer keuzevrijheid krijgen: zowel wat betreft de ICT-toepassingen en -studiegereedschappen als de wijze waarop deze worden ingezet. Verschillen in leerstijlen en ICT-vaardigheden van studenten (maar ook hun eventuele fysieke beperkingen) vragen een grotere diversiteit aan naast elkaar bestaande onderwijsmethodieken en werkvormen. Docenten zullen zich verder moeten bekwamen in het gebruik daarvan om de kwaliteit en effectiviteit van het onderwijs te verbeteren. De taak voor SURF is natuurlijk om te regisseren dat deze diversiteit aan ICT-toepassingen interoperabel wordt en blijft.

    Om docenten en studenten meer vrijheid tot differentiatie te geven in de uitoefening van hun taken en het gebruik van ICT-gereedschappen zullen, samen met de overheid, opnieuw innovatieprojecten moeten worden opgestart. Technology Enhanced Education moet de onderwijs- en studie-omgeving verbeteren door zowel kwaliteit als rendement te verhogen. Het onderwijsveld zelf bepaalt of de technologische ondersteuning daadwerkelijk bijdraagt aan de gestelde doelen. Door de toenemende vrijheid vindt er een verschuiving plaats van lesgeven op locatie naar virtueel onderwijs. Zo ontstaat een ander instellingsoverstijgend thema: het optimaliseren van de bezettingsgraad van fysieke onderwijsruimtes.

    Op dit moment zijn studie-uitval en werkdruk van docenten de grootste uitdagingen in het hoger onderwijs. Een specifiek op deze problematiek gericht stimuleringsprogramma voor innovatieve projecten zou een effectieve manier kunnen zijn om kwaliteit en rendement te verhogen. Een van de oorzaken van studie-uitval is de onvoldoende aansluiting tussen de vooropleiding en een vervolgstudie. Er bestaat een discrepantie tussen het gewenste instroomniveau in het hoger onderwijs en het daadwerkelijke eindniveau bij het verlaten van het voortgezet onderwijs. Daarnaast is de studentenpopulatie steeds heterogener geworden: (internationale) studenten met de meest uiteenlopende vooropleidingen en achtergronden beschikken bij de start van hun opleiding over zeer verschillende voorkennis. Digitale diagnostische toetsen kunnen lacunes in voorkennis van (aspirant)studenten en studievoortgang vaststellen en digitaal onderwijsmateriaal kan de student helpen om geconstateerde achterstanden zelf in te halen.

    Er komt steeds meer regionale samenwerking en samenwerking over de kolommen van hogeronderwijsinstellingen heen, in de vorm van clusters van hogescholen en universiteiten, die op hun beurt weer samenwerken met roc’s, het voortgezet onderwijs en de beroepspraktijk. Dit is noodzakelijk om te bereiken dat onderwijsvormen beter op elkaar en op de beroepspraktijk aansluiten (doorgaande leerwegen), zodat studie-uitval vermindert, studiesucces en -rendement vergroten en er een goede aansluiting is op de arbeidsmarkt. Consequentie is wel dat moet worden gezorgd voor afstemming met de sectorraden over uitwisseling van studentgegevens in de keten.

    SURF zal de ICT-samenwerking niet altijd kunnen en willen beperken tot louter het hoger onderwijs. Steeds opnieuw zal SURF een goede afweging moeten maken. Wanneer een sectoroverschrijdende aanpak voordelen biedt, zal SURF deze kans aangaan.
    chap: De prioriteiten
    In dit hoofdstuk is aangegeven wat de belangrijkste prioriteiten zijn die SURF binnen de geschetste thema’s wil aanpakken. Per prioriteit zijn concrete doelstellingen geformuleerd voor de planperiode 2011-2014. De nummering van de onderstaande paragrafen is analoog aan de nummering van de thema’s in hoofdstuk 3.
    id:

    chapterNr:

    title:

    text:

    paragraphs:

    par: Behouden van de koppositie op het gebied van netwerkinfrastructuur
    Om de koppositie te behouden staan SURF twee acties voor ogen. Allereerst is dat het op basis van de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van optica, ethernet en IP doorontwikkelen van SURFnet6 naar SURFnet7 (het schaalbare hybride netwerk) en vervolgens naar SURFnet8.

    De ontwikkeling van SURFnet7 vindt plaats in het GigaPort3-project, dat wordt uitgevoerd van 2009 - 2013. Doel van GigaPort3 is ervoor te zorgen dat het hoger onderwijs en onderzoek in Nederland ook in de toekomst kan beschikken over een geavanceerde hoogwaardige netwerkinfrastructuur. De bestaande hybride netwerkarchitectuur van SURFnet6 wordt daartoe uitgebreid en vernieuwd. Door gebruik te maken van nieuwe netwerktechnologieën en standaarden zullen de flexibiliteit en de hanteerbaarheid van lichtpaden worden vergroot. Nieuwe fotonische technologie wordt ingezet om bandbreedte op tijd, op maat, kosteneffectief en duurzaam te kunnen aanbieden. De dienst voor dynamische lichtpaden zal worden uitgebouwd, waarbij een zo goed mogelijke integratie met de overige ICT-infrastructuur wordt nagestreefd. Ook wordt het internationale knooppunt NetherLight verder uitgebouwd en geprofessionaliseerd.

    De tweede actie is de toevoeging van een naadloze aansluiting van het vaste glasvezelnetwerk op een draadloze netwerkinfrastructuur. Het is de ambitie van SURF dat studenten, docenten en onderzoekers in 2015 de eerste gebruikers in Nederland zijn van een landelijk dekkend fixed-wireless seamless netwerk. Daartoe zal samenwerking worden gezocht met operators en leveranciers van mobiele netwerkdiensten. Deze toevoeging moet het mogelijk maken device-, tijd- en plaatsonafhankelijk toegang tot het netwerk en de daarmee verbonden bronnen te verkrijgen.

    Het Nederlands hoger onderwijs creëert daarmee een aantrekkelijke omgeving voor digitale samenwerking voor onderzoekers, kenniswerkers en studenten uit binnen- en buitenland. De draadloze netwerkinfrastructuur zal daarom gebaseerd moeten zijn op internationale standaarden en SURF zal, waar nodig, hierbij een voorlopersrol spelen. De integratie van draagbare apparaten in de communicatie-infrastructuur biedt verder mogelijkheden voor plaatsonafhankelijke interactieve onderwijsprocessen door het snel en gemakkelijk samenbrengen van personen en data, waaronder ook directe lokale gegevens als beeld- en geluidsopnamen en plaatselijke metingen.

    De toevoeging van draagbare apparaten aan de communicatie-infrastructuur stelt wel hoge eisen aan identitymanagement en aan de beveiliging van bronnen. Anderzijds biedt het toevoegen van draagbare apparaten aan de infrastructuur op dit terrein ook kansen, met name het gebruik van digitale biomedische technieken als irisscans en vingerafdrukken. Bijzondere aandacht vraagt de waarborging van de privacy van deelnemers aan draadloze communicatie. Hun apparaten bevatten in de regel informatie die afgeschermd moet zijn voor ongeoorloofde toegang door anderen.

    De acties worden uitgevoerd in de vorm van innovatieprogramma’s, gefinancierd uit FES-middelen en het OCW-innovatiebudget. Voor de komende planperiode zijn de volgende resultaten voorzien:
  • de ontwikkeling van SURFnet7. Dit wordt ontworpen en gebouwd binnen het innovatieproject GigaPort3. Hier vinden ook de voorbereidingen plaats voor SURFnet8;
  • de totstandkoming van het fixed-wireless seamless netwerk.

  • par: Optimaliseren beveiliging en privacy
    De in hoofdstuk 2 beschreven ontwikkelingen in de ICT-infrastructuur maken duidelijk dat de noodzaak van een integraal beveiligingsframework alleen nog maar zal toenemen. Essentieel is om een balans te vinden tussen beveiliging en gebruiksvriendelijkheid, waarbij rekening wordt gehouden met belangrijke onderwerpen als identity management, informatiebeveiliging en privacy. (Inter)nationale samenwerking, ook met partijen buiten het veld van het hoger onderwijs en onderzoek, is een noodzakelijke voorwaarde bij de uitvoering van dit thema.

    Het is de bedoeling in de planperiode te realiseren dat er bij alle instellingen een computer emergency response team bestaat, dat reactief en proactief op beveiligingsinbreuken reageert. Gecoördineerd door SURFnet zal bovendien een expertisenetwerk worden opgebouwd.

    De bestaande dienstverlening op het gebied van authenticatie en autorisatie wordt verder uitgebreid. Het doel is dat iedereen die in Nederland bij een instelling voor hoger onderwijs en onderzoek werkzaam is, op basis van een geauthenticeerde rol toegang krijgt tot diensten en content van publieke en private leveranciers op het internet. De uitvoering hiervan wordt belegd bij SURFnet en SURFdiensten.

    SURF voert de komende jaren het meerjarenprogramma Informatiebeveiliging en Privacy uit. De beoogde resultaten daarvan zijn:
  • een actieve community rondom het thema informatiebeveiliging, waarbinnen de leidraad Informatiebeleid wordt ontwikkeld;
  • een actieve community rondom het thema privacy, waarbinnen de leidraad Privacy wordt ontwikkeld;
  • een expertisenetwerk/knowledge-base met een toolbox voor het uitvoeren van scans en audits, en best practices op dit terrein;
  • een computer emergency response team bij alle instellingen;
  • voor iedereen in het hoger onderwijs en onderzoek toegang tot diensten en content op basis van een geauthenticeerde rol;
  • verhoogde bewustwording van het belang van veiligheids- en privacyaspecten (via campagnes).

  • par: Alternatieve vormen van sourcing en duurzaamheid bevorderen

    par: Het aanbieden van kosteneffectieve professionele shared services
    De SURF-werkmaatschappijen hebben met enige regelmaat te maken met projecten of programma’s die na hun ontwikkelfase terecht komen in een exploitatiefase. In de exploitatiefase is er sprake van een product of dienst voor de instellingen van hoger onderwijs en onderzoek die over een langere periode wordt aangeboden op basis van structurele financiering of een tariefmodel. In een enkel geval kan een dergelijke dienst worden overgedragen aan een derde partij. In andere gevallen ontwikkelt zo’n project zich tot een exploitatieorganisatie die verzelfstandigd kan worden, zoals dat gebeurd is met Studiekeuze123 en Studielink. Het is te verwachten dat binnen de SURF-werkmaatschappijen verzelfstandiging vaker zal voorkomen.

    Daarnaast zijn er samenwerkingsinitiatieven van verschillende instellingen uit het veld die diensten of producten gezamenlijk willen exploiteren. Ook deze initiatieven zoeken vaak een organisatie waar zij hun exploitatie kunnen onderbrengen.

    De exploitatieorganisaties zijn te klein om alle ondersteunende diensten zelf uit te voeren, zoals op het terrein van financiën, personeelszaken, communicatie en facilities. Ook zijn zij op zoek naar een efficiënte manier om de primaire activiteiten van het project te organiseren. Zij zouden in veel gevallen graag hun personeel betrekken van – of aanwezig personeel willen onderbrengen in – een professionele shared services organisatie. Zo’n organisatie kan de continuïteit en kwaliteit van de dienstverlening beter organiseren. Bovendien zijn er schaalvoordelen te behalen.

    SURF heeft er belang bij dat de continuïteit en de kwaliteit van de ondersteunende dienstverlening aan de verzelfstandigde projecten op peil is. Het voortbestaan van een dienst of product vergroot het effect van een innovatie sterk en het veld koppelt het succes van de projecten, ondanks verzelfstandiging, toch aan SURF.

    Voor de komende planperiode is voorzien:
  • het oprichten van een nieuwe dochter binnen de SURF-familie: SURF Shared Professional Services (SURFsps).

  • par: Het bieden van een infrastructuur voor digitale content

    par: Het ontwikkelen van een nationale transparante en competitieve ICT-onderzoeksinfrastructuur
    Op dit moment (2009-2010) ontwikkelt SURF een blauwdruk voor het aanpassen van de organisatiestructuur, zodanig dat de activiteiten van NCF en de publieke activiteiten van SARA Reken- en Netwerkdiensten bij SURF worden ondergebracht. Ook de oprichting van een e-Science Research Center krijgt hierin een plaats. In de blauwdruk wordt rekening gehouden met het feit dat er nauwe lijnen moeten zijn met onder andere NWO en KNAW. Zodra de financiering is vrijgekomen, zal het door het kabinet overgenomen advies van ICTRegie in de planperiode worden uitgewerkt.
    par: Technology Enhanced Education, het verhogen van kwaliteit en rendement in het hoger onderwijs
    Een van de oorzaken van de hoge uitval onder studenten in het hoger onderwijs is de onvoldoende aansluiting tussen vooropleiding en vervolgstudie. Behalve disciplinespecifieke aansluitingsproblemen zijn wiskunde en statistiek, Engelse en Nederlandse taalvaardigheid en onderzoeksvaardigheden generieke probleemgebieden waar studenten en opleidingen bij schakelmomenten en tijdens de opleiding mee kampen. SURF faciliteert het mede door de overheid te financieren innovatieproject ‘Toetsing en Toetsgestuurd Leren’, waarin instellingen voor hoger onderwijs op basis van projectsubsidies bestaand materiaal per discipline bundelen en ICT-oplossingen ontwikkelen voor de inzet, ontwikkeling en implementatie van digitale toetsen en oefenmateriaal. In een landelijk expertisenetwerk en via een nationale portal worden kennis en good practices gebundeld en ontsloten.

    Ook onderwijs op maat voor studenten met verschillende achtergronden kan voor de eerdergenoemde problemen een oplossing bieden. Maar dat is, met de huidige studentenaantallen en docentcapaciteit, niet te realiseren. Met behulp van ICT kan het onderwijs wel zo flexibel mogelijk worden aangeboden. Leerlingen en docenten kiezen gezamenlijk welke vormen het beste aansluiten bij de leerbehoefte en leerstijl. Het SURFnet/Kennisnet Innovatieprogramma geeft een impuls aan de ICT-vernieuwing in het gehele onderwijs door de potentie van nieuwe technologieën te onderzoeken en met innovatieve toepassingen vraagstukken in het onderwijs op te lossen. Samen met de voorlopers binnen de onderwijsinstellingen ontwikkelen SURFnet en Kennisnet kennis en ervaring over de inzet van deze technologieën, waarna ze doorstromen naar de instellingen.

    Voor de komende planperiode zijn de volgende resultaten voorzien:
  • tenders voor projectsubsidies;
  • nationaal expertisenetwerk over toetsen en het flexibel aanbieden van onderwijs en een landelijke portal daarvoor;
  • nieuwe ICT-functionaliteiten voor het onderwijs. De nieuwe mogelijkheden worden verkend en beproefd binnen het SURFnet/Kennisnet Innovatieprogramma.

  • chap: Organisatie, werkwijze en financiering van SURF
    Dit hoofdstuk belicht de werkwijze en organisatie van SURF die nodig is om de prioriteiten uit dit Meerjarenplan goed uit te kunnen voeren.
    id:

    chapterNr:

    title:

    shortTitle:

    text:

    paragraphs:

    par: De organisatie
    Voor de komende planperiode staan de instellingen voor hoger onderwijs en onderzoek voor de uitdaging het gezamenlijk potentieel van het samenwerkingsverband SURF optimaal in te zetten voor de uitvoering van het Meerjarenplan. Hiervoor is een aantal aanpassingen in de SURF-organisatie noodzakelijk.
    par: SURF als expertisecentrum
    Binnen het hoger onderwijs – en meer specifiek: in SURF-verband – is veel ervaring opgedaan met het organiseren van samenwerking en afstemming met het veld. Toch blijkt in de praktijk dat waardevolle kennis en ervaring op het gebied van ICT-innovatie en -implementatie minder goed wordt overgedragen naar instellingen dan verwacht. Om hier verbetering in aan te brengen wil SURF de instellingen faciliteren via communities of practice, white papers, SURFacademy en het beter vindbaar maken van bij SURF aanwezige kennis.
    par: Internationale samenwerking
    Internationale aspecten zullen in de komende jaren een steeds zwaardere rol spelen bij alle activiteiten die in SURF-verband worden ontplooid. Denk aan: open standaarden, open source, Open Access, internationalisering in het onderwijs, etc. SURF streeft ernaar de internationale voorhoedepositie op het terrein van ICT te behouden. SURF blijft daarom inzetten op strategische allianties met andere landen. Een belangrijke peiler daarin is de samenwerking met JISC (de Britse evenknie van SURF). Dit vormt een belangrijk platform voor uitbreiding en aansturing van internationale samenwerking. De samenwerking met Educause (ICT en onderwijsmanagement) en CNI (Coalition for Networked Information) wordt voortgezet. Daarnaast werkt SURF al enige jaren succesvol samen binnen het kader van Knowledge Exchange, waarin naast SURF en JISC ook Denemarken en Duitsland participeren; een krachtig samenwerkingsverband dat een goede positie op Europees niveau helpt te versterken en heeft geleid tot multinationale licenties met uitgeverijen.

    Voor de komende planperiode zijn op het gebied van organisatie en werkwijze van SURF de volgende speerpunten geformuleerd:
  • samenwerking op strategisch niveau: afstemmen van en informeren over ontwikkeling van strategisch beleid;
  • gezamenlijke investeringen (financieel en personeel) om bij ICT-ontwikkelingen een hogere return on investments te bereiken;
  • verspreiden van kennis;
  • gezamenlijk optreden in het beïnvloeden van de internationale politieke agenda en standaarden.

  • par: De financiën
    De jaarlijkse kosten van het Meerjarenplan zijn in onderstaande tabel samengevat in de kolommen onder Ontwikkelingskosten.
    staticContent:
    endContent: Verantwoording
    Tijdens het SURF Executive Seminar in de Eerste Kamer der Staten-Generaal vond eind 2008 de aftrap plaats voor het Meerjarenplan 2011–2014. Daar debatteerden bestuurders over de richting. In het voorjaar van 2009 is advies gevraagd aan de Wetenschappelijk Technische Raad, aan CvDUR, UKB, KAAIWO, COMIT en het CIO-beraad. Op basis daarvan zijn de thema’s bepaald die in ieder geval in het Meerjarenplan 2011–2014 geadresseerd moeten worden. Deze zijn in augustus in een eerste aanzet voor het Meerjarenplan beschreven (te weten in de hoofdstukken 2 en 3) en er is een aanzet gedaan voor hoofdstuk 4.

    Na bespreking in het Dagelijks Bestuur van SURF, met de besturen van de platforms, het CIO-beraad en de BIK, en met de MT-leden van SURF, SURFnet en SURFdiensten, zijn de hoofdstukken 2 en 3 aangepast. Mede op basis hiervan zijn de hoofdstukken 1 (Inleiding), 4 (De prioriteiten) en 5 (Organisatie, werkwijze en financiering van SURF) uitgewerkt.

    In november 2009 is het Meerjarenplan met de bestuurders van de instellingen besproken in drie zogenaamde consultatiebijeenkomsten. Van hun opmerkingen en suggesties is in deze definitieve versie van het Meerjarenplan 2011–2014 dankbaar gebruik gemaakt.
    id:

    title:

    text:

    colofon:

    par1:

    par2:

    par3:

    glossary:
    glossaryItem: Ambient technologie
    Kleine apparaatjes in de omgeving die worden samengevoegd tot één netwerk waarin ze onderling intelligent kunnen communiceren.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: ASP
    Uitbestedingsmodel waarbij een bedrijf of instelling software en de daarvoor benodigde hardware gebruikt die zich bij een Application Service Provider bevindt. De afnemer betaalt naar gebruik, de ASP zorgt voor updates, beheer en beveiliging.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Big Grid
    Het project Big Grid is een samenwerkingsverband tussen NCF, Nikhef en NBIC en realiseert een landelijke grid-infrastructuur voor wetenschappelijk onderzoek.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: BIK
    Beleidsgroep Innovatie Kennisinfrastructuur
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Cloud services
    Online diensten en content die organisaties kunnen afnemen uit de ‘cloud’. Externe dienstverleners bieden deze services via internet aan (zoals de emailservice Gmail van Google en computercapaciteit van Amazon).
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: CIO-beraad
    Het CIO-beraad bestaat uit CIO’s (Chief Information Officers) van ruim 40 ho-instellingen. De CIO is de functionaris die rechtstreeks adviseert aan het College van Bestuur over en verantwoordelijk is voor het strategische informatie- en ICT-beleid. Het CIO-beraad adviseert de Colleges van Besturen van de ho-instellingen en SURF over gemeenschappelijke strategische ontwikkelingen van de informatievoorziening en bijbehorende ICT-voorziening, waarbij het accent ligt op informatiemanagement.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: COMIT
    Platform van functionarissen die binnen een hbo-instelling op instellingsniveau verantwoordelijk zijn voor informatievoorziening, communicatietechnologie en automatisering
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: CRIS
    Een CRIS (Current Research Information System) is een informatiesysteem dat gegevens bevat over lopende onderzoeksprojecten. De Nederlandse implementatie draagt de naam Metis.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: CvDUR
    Coördinatie Vergadering Directies Universitaire Rekencentra
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: E-content
    E-content is de verzamelnaam voor digitale informatie/multimedia/documenten die online toegankelijk is/zijn.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: E-Science
    De term e-Science wordt gebruikt voor toepassing van geavanceerde ICT-middelen in wetenschappelijk onderzoek. Denk aan het kunnen gebruiken van dure apparatuur op afstand en van grootschalige, gedistribueerde computer- en datafaciliteiten.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: E-Science Research Center
    Door ICTRegie in haar advies aan het kabinet voorgesteld centrum, waar onderzoek plaatsvindt naar voorzieningen waarmee onderzoekers (inter)nationaal kunnen samenwerken. Deze e-Science services maken deel uit van een onderdeel van een ICT-onderzoeksinfrastructuur en omvatten kennis- en methodeontwikkeling, processen, workflowtools en hard- en software.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Fixed-wireless seamless netwerk
    Een fixed-wireless seamless netwerk biedt studenten, docenten en onderzoekers plaats-, tijd- en device-onafhankelijke toegang tot toepassingen en data via het netwerk. Dit geschiedt naadloos, hetzij via een vaste netwerkverbinding, hetzij via een mobiele netwerkinfrastructuur.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Grid computing
    In een grid zijn computersystemen via snelle netwerken gekoppeld en transparant toegankelijk. Gebruikers of toepassingen kunnen daardoor gebruikmaken van de beschikbare computingcapaciteit als ware het één systeem dat zich lokaal bevindt.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Hybride netwerk
    Het hybride netwerk SURFnet6 leidt verschillende typen verkeersstromen (normaal internetverkeer en grootverbruikers) over hetzelfde optische netwerk, zonder dat ze elkaar kunnen hinderen. Het concept voor het hybride netwerk heeft zich inmiddels bewezen en vindt overal in de wereld navolging.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: ICT-Innovatieplatform
    Onder een ICT-Innovatieplatform (IIP) verstaat ICT Regie een open samenwerkingsverband tussen onderzoekers, bedrijven en/of maatschappelijke instellingen en gebruikers. Zij slaan de handen ineen voor een bepaald domein en ontwikkelen gezamenlijk een onderzoeksagenda.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: ICT-onderzoeksinfrastructuur
    Een ICT-onderzoeksinfrastructuur bevat ICT-voorzieningen voor wetenschappelijk gebruik die (inter)nationale samenwerking door onderzoekers ondersteunen (netwerken, data- en computingfaciliteiten, grids, e-Science services en system management). Het kabinet heeft advies van ICTRegie voor de totstandkoming en instandhouding daarvan overgenomen. Een van de consequenties daarvan is dat de activiteiten van NCF en de publieke activiteiten van SARA Reken- en Netwerkdiensten zullen worden ondergebracht bij SURF.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: ICTRegie
    Het onafhankelijke nationale regieorgaan voor ICT-onderzoek en -innovatie. Het heeft als doelstelling sterker ICT-onderzoek te bewerkstelligen, dat nauw aansluit op maatschappelijke en bedrijfsdoelstellingen door middel van multidisciplinaire transsectorale samenwerking.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: KAAIWO
    Overlegorgaan van functionarissen die binnen de instellingen van wetenschappelijk onderwijs verantwoordelijk zijn voor informatievoorziening t.b.v. bestuur en beheer, bestuurlijke informatievoorziening of administratieve automatisering
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Knowledge Exchange
    Knowledge Exchange is een samenwerkingsverband van SURFfoundation met vergelijkbare nationale organisaties in Duitsland, Groot-Brittannië en Denemarken. Knowledge Exchange hoopt door gezamenlijk op te treden betere voorwarden of lagere prijzen te kunnen bedingen bij uitgeverijen, en invloed te kunnen uitoefenen op de door uitgevers gehanteerde businessmodellen.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Lichtpad
    Voor het transporteren van grote hoeveelheden gegevens over SURFnet6 kunnen rechtstreekse optische verbindingen worden aangelegd. Zo’n lichtpad heeft slechts één gebruiker. Omdat begin- en eindpunt bekend zijn, hoeft het verkeer onderweg geen routers te passeren, waardoor het transport veiliger is en ander netwerkverkeer niet hindert. Lichtpaden kunnen voor lange periodes worden aangelegd, maar ook dynamisch tot stand komen.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Living labs
    Aanpak voor innovatie waarbij stakeholders zoals bedrijven, kennisinstellingen, overheden en eindgebruikers samen nieuwe producten, diensten en businessmodellen ontwikkelen en deze toetsen in de praktijk.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: LOFAR
    Een grootschalig ICT-project dat ’s werelds grootste radiotelescoop ontwikkelt in de vorm van een netwerk van duizenden sensoren, verdeeld over een gebied met een diameter van 100 kilometer in Nederland en gekoppeld aan een supercomputer via een uitgestrekt glasvezelnetwerk. Daarnaast worden antennes in Duitsland, Groot-Brittannië, Frankrijk en Zweden gebouwd en aangesloten op het Nederlandse netwerk, waarmee LOFAR een 10x hogere beeldscherpte bereikt.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Metadata
    Gegevens over de gegevens die zich in een repository of database bevinden. De metadata bij een bepaald document kunnen bijvoorbeeld zijn: de auteur, de datum van schrijven, het aantal pagina's en de taal waarin de gegevens zijn opgesteld. Met behulp van metadata kunnen gegevens uit meerdere repositories aan elkaar worden gekoppeld.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Metis
    Nederlands systeem van de universiteiten en de KNAW met informatie op het gebied van onderzoeksinzet en –output.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: NCF
    Stichting Nationale Computerfaciliteiten is in 1990 opgericht om strategisch wetenschappelijk onderzoek mogelijk te maken en te stimuleren door geavanceerde ICT-faciliteiten beschikbaar te stellen voor excellente onderzoekers. Het betreft een landelijke computerinfrastructuur die op zichzelf, of in samenhang met andere infrastructurele componenten, het bekostigingsniveau van individuele instellingen te boven gaat.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Open Access
    Principe dat de resultaten van met publiek geld betaald onderzoek vrij toegankelijk moeten zijn. Daarbij gaat het niet alleen om artikelen, maar ook om ruwe data en ander onderzoeksmateriaal. Gebruikers moeten dit alles niet alleen kunnen raadplegen en verder verspreiden, maar het ook kunnen gebruiken voor afgeleide werken, mits zij de oorspronkelijke auteur vermelden.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Repository
    Digitale bewaarplaats voor onderzoeks- en onderwijsmateriaal.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: SARA Reken- en Netwerkdiensten
    SARA Reken- en Netwerkdiensten, oorspronkelijk opgericht voor het leveren van computerfaciliteiten aan de VU, de UvA en het CWI, levert faciliteiten op het gebied van supercomputers, netwerken en hoogwaardige visualisatie.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Software as a Service (SaaS)
    Softwarecomponenten van derden die – al dan niet tegen betaling en/of andere voorwaarden – gebruikt kunnen worden in online diensten, bijvoorbeeld iDeal voor internetbetalingen, Google Maps voor gebruik in routeplanners.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Sourcen
    Uitbesteden van diensten, zoals computercapaciteit of ICT-toepassingen.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: SURFnet6
    Deze zesde generatie van het SURFnet-netwerk dat instellingen voor hoger onderwijs en onderzoek met elkaar verbindt, is begin 2006 in gebruik genomen. Het is ontwikkeld in het project Gigaport Next Generation. Bijna een miljoen gebruikers uit het hoger onderwijs en onderzoek kunnen hierdoor niet alleen gebruik maken van hoogwaardige internetfaciliteiten, maar hebben ook de beschikking over lichtpaden.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Total Cost of Ownership (TCO)
    Methode om bij de aanschaf van kapitaalgoederen of bij de beslissing over een ICT-project alle bijbehorende relevante kosten over een bepaalde periode mee te nemen.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: UKB
    Het samenwerkingsverband van de dertien Nederlandse universiteitsbibliotheken en de Koninklijke Bibliotheek
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Virtualisatie
    Bij virtualisatie bevindt zich een laag tussen de hardware en het besturingsysteem plus applicaties. Hierdoor kunnen meerdere omgevingen naast elkaar op dezelfde server draaien. Dat heeft als voordelen dat er minder fysieke hardware nodig is (dus minder investeringen), er wordt minder fysieke ruimte in beslag genomen en de stroom- en onderhoudskosten zijn lager.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: VL-e
    In het Bsik-project VL-e (Virtual Laboratory for e-Science) onderzochten informatiedeskundigen samen met wetenschappers uit verschillende domeinen welke e-Science services ze nodig hebben voor hun virtuele laboratorium. Het project liep parallel aan GigaPort Next Generation.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Wearables
    Wearables zijn computers/devices die op het lichaam worden gedragen, bijvoorbeeld verwerkt in kledingstukken of om de pols.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    glossaryItem: Workflowtools
    Hulpmiddelen om de werkstroom te beheersen, dat wil zeggen dat informatie op het juiste moment op de juiste plaats beschikbaar is.
    id:

    title:

    reference:

    text:

    footnotes:
    footnote:
    Bronnen: Advies WTR; Liebrand Advies Onderwijsraad; ICT2030.nl
    id:

    url:

    realUrl:

    text:

    footnote:

    id:

    url:

    realUrl:

    text:

    footnote:
    Overigens loopt Nederland niet achter in deze ontwikkelingen. Op de zogeheten Networked Readiness Index stond Nederland in 2008 in de top-10 van 134 onderzochte landen. Kortom: onze maatschappij wordt meer en meer ‘powered by ICT’.
    id:

    url:

    realUrl:

    text:

    footnote:

    id:

    url:

    realUrl:

    text:

    footnote:
    Nederland stond medio 2008 zesde in de top-10 van de iPass Wi-Fi Hotspot Index
    id:

    url:

    realUrl:

    text:

    footnote:

    id:

    url:

    realUrl:

    text:

    footnote:
    Arthur Chickering en Zelda Gamson: ‘Seven principles of good teaching practice’, The American Association for Higher Education Bulletin, maart 1987
    id:

    url:

    realUrl:

    text:

    footnote:
    Hiervoor is onder andere gebruik gemaakt van de Scenariostudie digitale leer- en werkomgeving 2020, SURFfoundation, 2008, en ‘Future of Higher Education’, een paper die in 2009 is opgesteld door de Council of Australian University Directors of Information Technology (CAUDIT), EDUCAUSE (de Amerikaanse tegenhanger van SURF), het Joint Information Systems Committee in het Verenigd Koninkrijk (JISC) en SURFfoundation
    id:

    url:

    realUrl:

    text:

    footnote:
    Eurostat population statistics (juli 2008)
    id:

    url:

    realUrl:

    text:

    footnote:
    Towards a competitive ICT infrastructure for scientific research in the Netherlands, december 2008
    id:

    url:

    realUrl:

    text:

    footnote:
    de tot nu toe gebruikte term e-Learning dekt de lading onvoldoende
    id:

    url:

    realUrl:

    text:

    footnote:
    Deze hoeveelheid is vergelijkbaar met de sector luchtvaart
    id:

    url:

    realUrl:

    text:

    footnote:

    id:

    url:

    realUrl:

    text:

    footnote:
    Open is niet per se gratis.
    id:

    url:

    realUrl:

    text:

    footnote:
    A recipe for Cream of Science, Ariadne, issue 45, 2005
    id:

    url:

    realUrl:

    text:

    footnote:
    Bijvoorbeeld omdat de onderliggende database informatie bevat die dichtbij de instellingen thuishoort
    id:

    url:

    realUrl:

    text:

    footnote:

    id:

    url:

    realUrl:

    text:

    pearls:
    pearl: SURFnet6
    Dankzij SURFnet6, één van de snelste en modernste netwerken ter wereld, hebben onderzoekers, docenten en studenten ongehinderd toegang tot wetenschappelijke kennis en instrumenten waar ook ter wereld. SURFnet6 ondersteunt gewoon internetverkeer maar biedt ook lichtpaden: rechtstreekse, zeer veilige en snelle netwerkpaden van de ene naar de andere computer.
    id:

    title:

    text:

    popuptext:

    pearl: Amsterdam Internet Exchange
    Amsterdam Internet Exchange (AMS-IX) is een spin-off van SURFnet en NIKHEF. Het maakt Amsterdam tot het drukste internetknooppunt ter wereld en creëert grote economische waarde.
    id:

    title:

    text:

    popuptext:

    pearl: NetherLight
    NetherLight is het internationale knooppunt in Amsterdam voor met name lichtpaden. Het koppelt optische netwerken in Europa, Noord-Amerika en Azië, en is een belangrijke schakel in GLORIAD, het wetenschappelijk netwerk dat het hele noordelijk halfrond omspant. NetherLight is opgezet en wordt beheerd door SURFnet.
    id:

    title:

    text:

    popuptext:

    pearl: SURFmedia
    Met ICT-toepassingen zoals online samenwerkingsdiensten en de on-demand live streaming mediadienst SURFmedia maken docenten samen met collega’s en studenten hun onderwijs effectiever. Ook onderzoekers kunnen hierdoor wereldwijd samenwerken.
    id:

    title:

    text:

    popuptext:

    pearl: SURFspot.nl
    Via de ICT-webwinkel SURFspot.nl kopen studenten en medewerkers van hogeronderwijsinstellingen en (ouders van) basisschoolleerlingen software en andere ICT-producten in voor thuisgebruik. Dat doen zij dankzij de overeenkomsten van SURFdiensten tegen zeer lage prijzen.
    id:

    title:

    text:

    popuptext:

    pearl: SURFdiensten.nl
    Via de website SURFdiensten.nl schaffen aangesloten hogeronderwijsinstellingen tegen zeer gunstige prijs- en gebruiksvoorwaarden, licenties en bijbehorende media en diensten aan, regelen zij hun licentieadministratie en verkrijgen zij support.
    id:

    title:

    text:

    popuptext:

    pearl: DigiD
    DigiD - de code die iedere burger van de overheid krijgt om via internet overheidsdiensten te kunnen afnemen - is gebaseerd op de A-Select-software van SURF. Deze software is oorspronkelijk ontwikkeld voor het hoger onderwijs en onderzoek.
    id:

    title:

    text:

    popuptext:

    pearl: Internationale samenwerking
    SURF werkt samen met toonaangevende landen. Door mee te doen aan allianties, themacongressen en werkgroepen staat Nederland in Europa, de USA, Australië, Canada en Japan bekend als een land waarmee je goed en laagdrempelig kunt samenwerken. Dit resulteerde in 2008 bijvoorbeeld in collectieve contracten tussen Nederland, Duitsland, Groot-Brittannië en Denemarken enerzijds met vijf uitgeverijen anderzijds.
    id:

    title:

    text:

    popuptext:

    pearl: Open Access van onderzoeksresultaten
    SURF heeft DAREnet opgezet, een dienst waarmee alle instellingen wetenschappelijke publicaties openbaar toegankelijk maken. Dit succesvolle initiatief is een voorbeeld geworden voor andere landen, zoals het Verenigd Koninkrijk en Duitsland. Bovendien is SURF internationaal initiator van Open Access van onderzoeksresultaten. Samen met buitenlandse partners beweegt SURF onder meer de Europese Commissie om zich hiervoor in te spannen.
    id:

    title:

    text:

    popuptext:

    pearl: HBO Kennisbank
    Op de HBO Kennisbank zijn publicaties van lectoren en scripties van hbo-studenten te vinden en te raadplegen. Bezoekers kunnen de artikelen waarderen en recenseren, en anderen attenderen op waardevolle content. De HBO Kennisbank haalt de informatie op uit de repositories van de hogescholen.
    id:

    title:

    text:

    popuptext:

    pearl: Samen werken aan onderwijsvernieuwing
    De samenwerking tussen hogeronderwijsinstellingen leidde tot meer dan zestig geslaagde onderwijsvernieuwingsprojecten en intensieve samenwerking tussen hogescholen en universiteiten. Dit is uniek in Nederland en voor zover bekend in de wereld.
    id:

    title:

    text:

    popuptext:

    pearl: SURF Onderwijsdagen
    Jaarlijks bezoeken meer dan 800 ICT-professionals uit het hoger onderwijs en onderzoek dit grote tweedaagse evenement van SURFfoundation op het gebied van ICT-ontwikkelingen in het hoger onderwijs. De SURF Onderwijsdagen zijn voor het eerst gehouden in 1999. Sinds 2009 organiseren SURF én Kennisnet het evenement gezamenlijk voor de gehele onderwijsketen onder de naam Dé Onderwijsdagen.
    id:

    title:

    text:

    popuptext:

    pearl: Studielink
    Studielink verzorgt de informatie-uitwisseling tussen de student, de onderwijsinstellingen en de overheid. Via Studielink kunnen studenten zelf online hun aanmelding en inschrijving bij DUO (voorheen de Informatie Beheer Groep) en bij de hogeschool of universiteit van hun keuze regelen. Daarmee voorziet SURF in een instrument dat alle instellingsadministraties en DUO met elkaar verbindt.
    id:

    title:

    text:

    popuptext:

    pearl: Studiekeuze123
    Scholieren en studenten kunnen op de website Studiekeuze123.nl op basis van zelfgekozen criteria een persoonlijke ranglijst maken van voor hen aantrekkelijke studies. De website vergelijkt 2500 opleidingen objectief en betrouwbaar op negentig criteria.
    id:

    title:

    text:

    popuptext:

    pearl: SURFfederatie
    De SURFfederatie zorgt ervoor dat onderzoekers, studenten en docenten zich met hun instellingsaccount kunnen authenticeren bij leveranciers van online content en diensten. Zij hebben daardoor met hun instellingsaccount toegang tot diensten die andere partijen via de SURFfederatie aanbieden.
    id:

    title:

    text:

    popuptext: